|
Walle Nauta ontwerpt
grafmonumenten
‘Tot
hier en niet verder!’
Bergeijk. Er was een tijd dat
de begraafplaatsen in onze streek gekenmerkt werden door een treurig
makende eenvormigheid. ’In de dood zijn wij allen gelijk,’ was de leuze
en derhalve werd een uniform kruis maar voor allen verplicht gesteld.
Het streven naar individualiteit en tegelijkertijd de sterk toegenomen
secularisatie heeft ruimte geschapen voor nieuwe vormen om zich een
dierbare overledene te blijven herinneren. Walle Nauta heeft zich ten
doel gesteld om veel meer expressie mogelijk te maken bij
grafmonumenten. Zijn concept en de ontwerpen die daaruit voorvloeien
hebben gezorgd voor een nominatie voor de ‘International Funeral Award’.
Een reden om eens met hem te gaan praten over design in het algemeen en
bij grafmonumenten in het bijzonder.
Door Kees van Kemenade
‘Kijk dit is een zwerfsteen
met in brons de eigen naam van een overledene. Zijn naam “Guus”
schreef hij op zijn eigen individuele wijze. Die hebben wij met de
computer gescand en uitvergroot en aangebracht op de steen. Het liefst
zou ik dan zien dat het een kei was met een herinnering. Eentje die de
overledene jaren geleden zelf heeft meegebracht van een vakantie en die
al vele jaren in de tuin heeft gelegen. Dat geeft hem een echte
toegevoegde betekenis.’
De zwerfkei met het
authentieke handschrift is maar een van de vele ideeën die de
industrieel ontwerper heeft bedacht om een begrafenisplek nog meer de
functie te geven die hij dient te hebben: een zichtbaar contact met de
dierbare overledene.

Walle Nauta ontwerpt
grafmonumenten volgens de persoonlijke smaak van de overledene en zijn
familie.
Een
handgeschreven naam
‘Een grafmonument moet helpen
om herinneringen op te roepen aan een geliefd iemand die er nu niet meer
is. Je blijft er letterlijk even bij stilstaan.’ Ondertussen toont hij
een ander ontwerp; een bronzen boomtak waarin de handgeschreven naam is
meegegoten. ‘Dit is een afgietsel van een mooi gevormde houten stam. Er
is plaats op om een hele zin die een overledene misschien vaak placht te
zeggen op aan te brengen.’
Brons gaat natuurlijk heel
lang mee, maar wat mij betreft hoeft dat helemaal niet. Ik kan ook met
hout werken. Dat is vergankelijk, net als het stoffelijk overschot dat
begraven ligt. Ik vind die symboliek heel treffend. Maar ook steen,
marmer, of zelfs glas en zelfs het brons gaan langzaam deel uitmaken van
de natuur. Wat mij betreft moet je ze niet schoonmaken, maar langzaam
met mos te laten overgroeien. Daarom ben ik ook zo blij met een contact
met een natuurbegraafplaats, want daar komen mijn ontwerpen mooi tot hun
recht.’
Walle Nauta en zijn bedrijf
NautaBene hebben al de nodige erkenning gekregen voor hun ontwerpen.
Uitvaartvereniging DELA heeft hen uitgenodigd om de ontwerpen voor hun
leden ter beschikking te stellen en recent zijn zij genomineerd voor de
International Funeral Award, een prijs die de internationale
uitvaartbranche jaarlijks uitreikt.
Een staf in de
grond
‘Design betekent gewoon
“ontworpen”, maar dan als een uniek exemplaar of hoogstens in een kleine
serie. Dat kun je doen met meubels, sieraden, kleding, …… maar waarom
dan ook niet met grafmonumenten. Ik kwam op dat idee bij het overlijden
van een familielid van mijn echtgenote en partner in het bedrijf Annet.
De vraag kwam toen wat wij zouden doen met het grafmonument voor op het
familiegraf. Als ik een graf voor mijn eigen vader zou moeten ontwerpen,
wat zou het dan worden? Door die gedachte liet ik mij leiden. Er kwam
een ontwerp uit: een soort staf van roestvrij staal, als een wandelstok
die je in de grond steekt. Tot hier en niet verder!
Dat ontwerp werd uitgevoerd
en geplaatst, tot grote tevredenheid van de familie. Er gaat rust en
stilte van uit, maar ook aanvaarding. Het geeft de tijdelijkheid weer;
de verlieservaring van de nabestaanden.’
Toen Walle Nauta eenmaal zijn
eerste grafmonument had ontworpen en daar met veel voldoening uit had
geput, wilde hij verder gaan met deze nieuw ontdekte tak van de design.
Tot voor enkele generaties was er maar heel weinig keus aan
grafmonumenten: een kruis of een platte steen en zelfs de opschriften
leken beperkt tot enkele Latijnse afkortingen of korte Nederlandse
zinnetjes. Het feit dat steeds meer mensen het geloof achter zich hebben
gelaten, of niet meer zo hechten aan religieuze symbolen op hun graf,
opent de weg naar een groot aantal expressiemogelijkheden voor hun
laatste rustplaats. Eigenlijk is bijna alles mogelijk, al blijft Walle
Nauta verre van platte kitsch om zich een overledene te blijven
herinneren.
Meedenken met de
familie
‘Ieder ontwerp is mogelijk.
Wij willen meedenken met wat de mensen willen,’legt Walle Nauta uit.
‘Het gaat er niet om dat ik mijn ontwerp op het graf geplaatst wil
hebben, maar dat ik aan de slag ga nadat ik gehoord heb wat men wil.
Soms heeft men duidelijk omschreven ideeën, maar heel vaak erg vage,
nauwelijks concrete gedachten. “Het moet wel natuurlijk zijn,”
bijvoorbeeld en dat geeft mij dan de mogelijkheid om te gaan ontwerpen.
Dat doe ik hier achter mijn tekentafel. Het resultaat is dan dat na
enkele maanden, wanneer de plek gereed is voor de plaatsing van het
grafmonument, er een authentiek monument is, waarbij ik mij in de
materiaalkeuze heb beperkt tot de meest natuurlijke materialen.’
Steeds meer mensen kiezen
tegenwoordig voor crematie en dat heeft de ontwerper op de gedachten
gebracht om ook iets met de urnen te doen. ‘De mensen halen een
standaard urn af, maar willen een bijzondere met ook hier weer zijn of
haar naam en duidelijk er op aangebracht. Passend als hij daarna wordt
geplaatst in de columbarium .’
In alles
zit vormgeving
Industrieel ontwerper Nauta
kreeg zijn opleiding aan de Technische Universiteit van Delft.
Aanvankelijk wilde hij beeldhouwer worden , maar hij koos toch voor een
andere richting. Via een lange omweg kwam hij terecht in de funeraire
cultuur, waarin hij nu furore maakt.
‘Vormgeven trok mij heel erg
aan. Creatief bezig zijn met zowel je hoofd als met je handen is het
mooiste dat er is. Design is er overal, van een theelepeltje tot een
automobiel. Ik koos bij mijn studie voor de constructieve richting, die
nadenkt over hoe je iets maakt. Sterk en toch goedkoop met de modernste
fabricagetechnieken. Ik heb lang gewerkt in de auto-industrie; het
ontwerpen van onderdelen vooral in het interieur. Je moet dan denken aan
bijvoorbeeld een dashboard. Maar de opdrachtgever heeft dan al heel veel
bepaald en dat moet je uitvoeren. Er zijn dan heel strikte grenzen aan
je creativiteit. Omdat ik er mijn ei niet meer kwijt kon, besloot ik in
1999 voor mijzelf te beginnen als vormgever. Het resultaat is mijn
bedrijf NautaBene.’
De hoofdactiviteit van zijn
onderneming is nog steeds het ontwerp van meubels. Dat hij daarbij geen
enkele opdracht uit de weg gaat bewijs een liturgisch project voor
basisgemeenschap De Hooge Berkt in Bergeijk. ‘Ik maakte voor die
gemeenschap een geïntegreerd ontwerp van altaar, lezenaar en kandelaar,
alles op één stalen grondplaat. Het breken van het brood, het lezen van
het Woord en het ontsteken van het licht, als onderdelen van één enkele
ceremonie. Pas later bleek het ontwerp van boven de vorm te hebben van
een vis.’
Alles in
eigen beheer
Het liturgische ontwerp voor
de Hooge Berkt is uitgevoerd in een ongewone combinatie van staal en
esdoornhout. Walle Nauta is namelijk bijzonder geboeid door de
gebruiksmogelijkheden van materialen, of het nou geijkte als marmer,
graniet of glas betreft, dan wel MDF, of zelfs een composietmateriaal
van gerecycled kunsstof. Vermalen en onder hitte samengeperst tot platen
geeft dat weer nieuwe mogelijkheden.
‘Maar alles wordt in de eigen
omgeving en onder mijn eigen beheer gefabriceerd. Ik werk niet met grote
aantallen, al heeft dat natuurlijk zijn effect op de kostprijs. Mijn
klanten waarderen de uniciteit van het ontwerp. Een klein bedrijf hier
in de Kempen werkt het beste, zeker wat de communicatie betreft. Ik kan
dan het hele productieproces bewaken, eventueel nog aanpassen aan de
wensen van de klanten en krijg precies wat ik wil. Dat geldt net zo goed
voor meubels als voor grafmonumenten.’
Hoe men ontwerpt? Dat is
misschien wel de moeilijkste vraag die men een designer kan stellen.
‘In ieder geval is het maar
tien procent inspiratie, de rest – negentig procent – is eindeloos
modelletjes maken en die weer afkeuren. Transpiratie dus!’
Annet Nauta weet na al die
jaren wel ongeveer hoe haar Walle te werk gaat.
‘Hij houdt van strak en
sober, zodat er rust van uitgaat. Tijdloze ontwerpen dus, maar ook
verrassend. Kijk, zoals bij het frame van deze door hemzelf ontworpen
tafel. Scheve lijnen waar je rechte verwacht. Die bijzondere aanpak
krijgen ook de klanten waarvoor wij een grafmonument ontwerpen.’
|